Omvoh 100mg Opl Inj+200mg Opl Inj Voorgev. Pen 2x3
Op voorschrift
Geneesmiddel

Omvoh 100mg Opl Inj+200mg Opl Inj Voorgev. Pen 2x3

  € 3.027,73

information-circle Terugbetaalbaar

Als je recht hebt op een terugbetaling voor dit geneesmiddel, betaal je in de apotheek een verlaagde prijs en niet de prijs die op onze webshop vermeld staat.

Terugbetalingstarief

€ 12,80 (6% inclusief btw)

Verhoogde tegemoetkoming

€ 8,50 (6% inclusief btw)

Belangrijke informatie

Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen.

Niet beschikbaar

Neem contact op met ons via telefoon of e-mail, dan bekijken we samen de mogelijkheden.

4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik Terugvinden herkomst Om het terugvinden van de herkomst van biologicals te verbeteren moeten de naam en het batchnummer van het toegediende product goed geregistreerd worden.

Overgevoeligheidsreacties In klinische onderzoeken zijn overgevoeligheidsreacties gemeld. De meeste waren licht of matig, ernstige reacties kwamen soms voor (zie rubriek 4.8). Als er een ernstige overgevoeligheidsreactie, waaronder anafylaxie, optreedt, moet mirikizumab onmiddellijk worden stopgezet en moet er een passende behandeling worden gestart.

Infecties Mirikizumab kan het risico op ernstige infectie verhogen (zie rubriek 4.8). De behandeling met mirikizumab mag niet worden gestart bij patiënten met een klinisch belangrijke actieve infectie totdat de infectie verdwenen is of voldoende behandeld (zie rubriek 4.3). De risico's en voordelen van de behandeling moeten worden afgewogen voordat gestart wordt met het gebruik van mirikizumab bij patiënten met een chronische infectie of een voorgeschiedenis van terugkerende infectie. Patiënten moeten worden geïnstrueerd om medisch advies in te winnen als zich tekenen of symptomen van een klinisch belangrijke acute of chronische infectie voordoen. Als zich een ernstige infectie ontwikkelt, moet worden overwogen de behandeling met mirikizumab stop te zetten totdat de infectie verdwenen is.

Evaluatie voorafgaand aan de behandeling voor tuberculose Voordat de behandeling wordt gestart, moeten patiënten worden onderzocht op tuberculose (tbc). Patiënten die mirikizumab krijgen, moeten tijdens en na de behandeling worden gecontroleerd op tekenen en symptomen van actieve tuberculose. Bij patiënten met een voorgeschiedenis van latente of actieve tuberculose bij wie een afdoende behandeling niet kan worden bevestigd, moet een behandeling tegen tbc worden overwogen voordat wordt gestart met de behandeling.

Verhoogde leverenzymen Gevallen van geneesmiddelgeïnduceerde leverschade (waaronder één geval dat voldoet aan de criteria van de wet van Hy) deden zich voor bij patiënten die mirikizumab kregen in klinische onderzoeken. Leverenzymen en bilirubine moeten worden geëvalueerd bij baseline en maandelijks tijdens de inductie (waaronder verlengde inductieperiode, indien van toepassing). Daarna moeten de leverenzymen en bilirubine worden geëvalueerd (elke 1 – 4 maanden) volgens de professionele standaard voor behandeling van patiënten en zoals klinisch geïndiceerd. Als er verhogingen van alanineaminotransferase (ALAT) of aspartaataminotransferase (ASAT) worden waargenomen en geneesmiddelgeïnduceerde leverschade wordt vermoed, moet mirikizumab worden stopgezet totdat deze diagnose is uitgesloten.

Vaccinaties Vóórdat met de behandeling met mirikizumab wordt gestart, wordt het voltooien van alle relevante vaccinaties aanbevolen, in overeenstemming met de laatste vaccinatierichtlijnen. Vermijd het gebruik van levende vaccins bij patiënten die worden behandeld met mirikizumab. Er zijn geen gegevens beschikbaar over de reactie op levende of niet-levende vaccins.

Hulpstoffen met bekend effect Natrium Colitis ulcerosa Dit middel bevat minder dan 1 mmol natrium (23 mg) per dosis van 200 mg, dat wil zeggen dat het in wezen 'natriumvrij' is. Ziekte van Crohn Dit middel bevat minder dan 1 mmol natrium (23 mg) per dosis van 300 mg, dat wil zeggen dat het in wezen 'natriumvrij' is.

Polysorbaat Dit geneesmiddel bevat 0,3 mg/ml polysorbaat 80 in elke pen of spuit, wat overeenkomt met 0,6 mg voor de onderhoudsdosering voor de behandeling van colitis ulcerosa en wat overeenkomt met 0,9 mg voor de onderhoudsdosering voor de behandeling van de ziekte van Crohn. Polysorbaten kunnen allergische reacties veroorzaken.

4.1 Therapeutische indicaties Colitis ulcerosa Omvoh is geïndiceerd voor de behandeling van volwassen patiënten met matig tot ernstig actieve colitis ulcerosa die onvoldoende hebben gereageerd op, niet meer reageerden op, of intolerant waren voor conventionele therapie of een biologische behandeling. Ziekte van Crohn Omvoh is geïndiceerd voor de behandeling van volwassen patiënten met matig tot ernstig actieve ziekte van Crohn die onvoldoende hebben gereageerd op, niet meer reageerden op, of intolerant waren voor conventionele therapie of een biologische behandeling.

4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie Er is geen onderzoek naar interacties uitgevoerd. Bij klinische onderzoeken had gelijktijdig gebruik van corticosteroïden of orale immunomodulatoren geen invloed op de veiligheid van mirikizumab. Analyses van populatiefarmacokinetische gegevens toonden aan dat de klaring van mirikizumab niet beïnvloed wordt door gelijktijdige toediening van 5-ASA's (5-aminosalicylzuur), corticosteroïden of orale immunomodulatoren (azathioprine, 6-mercaptopurine, thioguanine en methotrexaat).

4.8 Bijwerkingen Samenvatting van het veiligheidsprofiel De meest gemelde bijwerkingen zijn bovensteluchtweginfecties (9,8%, meest gemeld nasofaryngitis), hoofdpijn (3,2%), rash (1,3%) en injectieplaatsreacties (10,8%, onderhoudsperiode).

Lijst met bijwerkingen in tabelvorm Bijwerkingen van klinische onderzoeken (tabel 1) staan vermeld volgens de systeem/orgaanklassen volgens MedDRA. De frequentiecategorie voor elke bijwerking gebaseerd op de volgende conventie: zeer vaak (≥ 1/10); vaak (≥ 1/100, < 1/10); soms (≥ 1/1.000, < 1/100); zelden (≥ 1/10.000, < 1/1.000); zeer zelden (< 1/10.000).

Tabel 1: Bijwerkingen

MedDRA systeem/orgaanklasse Frequentie Bijwerking Infecties en parasitaire aandoeningen Vaak Bovensteluchtweginfectiesa Soms Herpes zoster Immuunsysteemaandoeningen Soms Infusiegerelateerde overgevoeligheidsreactie Skeletspierstelsel- en bindweefselaandoeningen Vaak Artralgie Zenuwstelselaandoeningen Vaak Hoofdpijn Huid- en onderhuidaandoeningen Vaak Rashb Algemene aandoeningen en toedieningsplaatsstoornissen Zeer vaak Injectieplaatsreactiesc Soms Infusieplaatsreactiesd Onderzoeken Soms Verhoogde alanineaminotransferase Soms Verhoogde aspartaataminotransferase

a Omvat: acute sinusitis, COVID-19, nasofaryngitis, orofaryngeaal ongemak, orofaryngeale pijn, faryngitis, rinitis, sinusitis, tonsillitis, bovensteluchtweginfecties en virale bovensteluchtweginfecties. b Omvat: rash, maculaire rash, maculo-papulaire rash, papulaire rash en pruritische rash. c Gerapporteerd tijdens de onderhoudstherapie met mirikizumab waarin mirikizumab als subcutane injectie werd toegediend. d Gerapporteerd tijdens de inductietherapie met mirikizumab waarin mirikizumab als intraveneuze infusie werd toegediend.

Beschrijving van geselecteerde bijwerkingen

Infusiegerelateerde overgevoeligheidsreacties (inductietherapie) Infusiegerelateerde overgevoeligheidsreacties werden gemeld bij 0,4% van de met mirikizumab behandelde patiënten. Alle infusiegerelateerde overgevoeligheidsreacties werden gemeld als niet ernstig.

Injectieplaatsreacties (onderhoudstherapie) Bij 10,8% van de met mirikizumab behandelde patiënten werden injectieplaatsreacties gemeld. De meest voorkomende reacties waren pijn op de injectieplaats, injectieplaatsreacties en erytheem op de injectieplaats. Deze symptomen werden gemeld als niet-ernstig, licht en van voorbijgaande aard. De hierboven beschreven resultaten werden verkregen met de oorspronkelijke formulering van Omvoh. In een dubbelblinde, 2-armige, gerandomiseerde, enkelvoudige dosis, parallelle studie bij 60 gezonde proefpersonen, waarbij 200 mg mirikizumab (2 injecties van 100 mg in een voorgevulde spuit) van de oorspronkelijke formulering werd vergeleken met de herziene formulering, werden 1 minuut na injectie statistisch significant lagere VAS-pijnscores verkregen met de herziene (12,6) versus de oorspronkelijke formulering (26,1).

Verhoogde alanineaminotransferase (ALAT) en aspartaataminotransferase (ASAT) In de eerste 12 weken werd bij 0,6% van de met mirikizumab behandelde patiënten een verhoging van het ALAT-gehalte gemeld. Bij 0,4% van de met mirikizumab behandelde patiënten werd een verhoging van het ASAT-gehalte gemeld. Alle bijwerkingen werden gemeld als licht tot matig van intensiteit en niet ernstig.

Over het algemeen werden er in het klinische ontwikkelingsprogramma voor colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn (waaronder de placebogecontroleerde en open-label inductie- en onderhoudsperioden) gedurende de behandelingsperioden met mirikizumab verhogingen waargenomen van het ALAT-gehalte tot ≥ 3 x de bovengrens van normaal (ULN, upper limit of normal) (2,3%), ≥ 5 x ULN (0,7%) en ≥ 10 x ULN (0,2%) en van het ASAT-gehalte tot ≥ 3 x ULN (2,2%), ≥ 5 x ULN (0,8%) en ≥ 10 x ULN (0,1%) bij patiënten die mirikizumab kregen (zie rubriek 4.4). Deze verhogingen zijn waargenomen met en zonder gelijktijdige verhogingen van totaalbilirubine.

Immunogeniciteit In de onderzoeken naar colitis ulcerosa ontwikkelde tot 23% van de met mirikizumab behandelde patiënten na 12 maanden behandeling antilichamen tegen het geneesmiddel, waarbij de meeste patiënten een lage titer hadden en positief testten op neutraliserende activiteit. Hogere antilichaamtiters bij ongeveer 2% van de proefpersonen die met mirikizumab werden behandeld, werden in verband gebracht met lagere serumconcentraties van mirikizumab en verminderde klinische respons.

In het onderzoek naar de ziekte van Crohn ontwikkelde 12,7% van de met mirikizumab behandelde patiënten na 12 maanden behandeling antilichamen tegen het geneesmiddel, waarbij de meeste patiënten een lage titer hadden en positief testten op neutraliserende activiteit. Er was geen klinisch significant effect van antilichamen tegen het geneesmiddel op de farmacokinetiek of de werkzaamheid van mirikizumab vastgesteld.

Er werd geen verband gevonden tussen antilichamen tegen mirikizumab en overgevoeligheid of injectiegerelateerde voorvallen in de onderzoeken naar colitis ulcerosa of de ziekte van Crohn.

Melding van vermoedelijke bijwerkingen Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico's van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaars in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het nationale meldsysteem zoals vermeld in aanhangsel V.

4.3 Contra-indicaties Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor een van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen. Klinisch belangrijke actieve infecties (actieve tuberculose).

4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding Vrouwen die zwanger kunnen worden Vrouwen die zwanger kunnen worden, moeten een effectieve anticonceptie gebruiken tijdens de behandeling en gedurende ten minste 10 weken na de behandeling. Zwangerschap Er is een beperkte hoeveelheid gegevens over het gebruik van mirikizumab bij zwangere vrouwen. De resultaten van dieronderzoek duiden niet op directe of indirecte schadelijke effecten betreffende reproductietoxiciteit (zie rubriek 5.3). Uit voorzorg heeft het de voorkeur het gebruik van Omvoh tijdens de zwangerschap te vermijden. Borstvoeding Het is niet bekend of mirikizumab in de moedermelk wordt uitgescheiden. Van humane IgG's is bekend dat ze gedurende de eerste dagen na de geboorte in de moedermelk worden uitgescheiden, waarna de concentraties snel afnemen tot lage concentraties. Als gevolg hiervan kan tijdens deze korte periode een risico bij een pasgeborene/zuigeling die borstvoeding krijgt niet worden uitgesloten. Er moet worden besloten of borstvoeding moet worden gestaakt of dat behandeling met Omvoh moet worden gestaakt dan wel niet moet worden ingesteld, waarbij het voordeel van borstvoeding voor het kind en het voordeel van behandeling voor de vrouw in overweging moeten worden genomen. Vruchtbaarheid Het effect van mirikizumab op de vruchtbaarheid bij mensen is niet onderzocht (zie rubriek 5.3).

  1. Hoe gebruikt u dit middel? Omvoh is bedoeld voor gebruik onder begeleiding en toezicht van een arts die ervaring heeft met de diagnose en behandeling van colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn.

Hoeveel Omvoh wordt toegediend en voor hoelang? Uw arts beslist hoeveel Omvoh u nodig heeft en voor hoelang. Omvoh is voor langdurige behandeling. Uw arts of verpleegkundige zal uw toestand regelmatig controleren om te controleren of de behandeling het gewenste effect heeft. Colitis ulcerosa • Start van de behandeling: de eerste dosis van Omvoh is 300 mg en wordt door uw arts aan u toegediend via intraveneuze infusie (indruppeling in een ader (bloedvat) in uw arm) gedurende ten minste 30 minuten. Na de eerste dosis krijgt u 4 weken later nog een dosis van 300 mg Omvoh en vervolgens 4 weken later nog een derde dosis. Als u na deze 3 infusies niet voldoende reageert op Omvoh kan uw arts overwegen om de intraveneuze infusies voort te zetten in week 12, 16 en 20. • Onderhoudsbehandeling: 4 weken na de laatste intraveneuze infusie wordt een onderhoudsdosis van Omvoh 200 mg toegediend via een injectie onder de huid ('subcutaan') en daarna elke 4 weken. De onderhoudsdosis van 200 mg wordt toegediend via ofwel 2 injecties die elk 100 mg Omvoh bevatten of via 1 injectie die 200 mg Omvoh bevat. Als u niet meer reageert nadat u de onderhoudsdosis Omvoh heeft ontvangen, kan uw arts besluiten u 3 doseringen Omvoh te geven via intraveneuze infusies. Uw arts of verpleegkundige zal u vertellen wanneer u moet overstappen op subcutane injecties. Tijdens de onderhoudsbehandeling moet u met uw arts of verpleegkundige beslissen of u Omvoh zelf gaat injecteren na een training over de subcutane injectietechniek. Het is belangrijk dat u niet probeert uzelf te injecteren voordat u de training heeft gehad van uw arts of verpleegkundige. Uw arts of verpleegkundige zal u de nodige training geven. Ziekte van Crohn • Start van de behandeling: de eerste dosis van Omvoh is 900 mg (3 injectieflacons met elk 300 mg) en wordt door uw arts aan u toegediend via intraveneuze infusie (indruppeling in een ader (bloedvat) in uw arm) gedurende ten minste 90 minuten. Na de eerste dosis krijgt u 4 weken later nog een dosis van 900 mg Omvoh en vervolgens 4 weken later nog een derde dosis. • Onderhoudsbehandeling: 4 weken na de laatste intraveneuze infusie wordt een onderhoudsdosis van Omvoh 300 mg toegediend via een injectie onder de huid ('subcutaan') en daarna elke 4 weken. De onderhoudsdosis van 300 mg wordt toegediend via één voorgevulde spuit of pen van 100 mg en één voorgevulde spuit of pen van 200 mg. De injecties kunnen in willekeurige volgorde worden toegediend. Uw arts of verpleegkundige zal u vertellen wanneer u moet overstappen op subcutane injecties. Tijdens de onderhoudsbehandeling moet u met uw arts of verpleegkundige beslissen of u Omvoh zelf gaat injecteren na een training over de subcutane injectietechniek. Het is belangrijk dat u niet probeert uzelf te injecteren voordat u de training heeft gehad van uw arts of verpleegkundige. Uw arts of verpleegkundige zal u de nodige training geven. Een verzorger mag u ook uw Omvoh-injectie geven, maar pas nadat deze persoon de training heeft gehad. Gebruik een herinneringsmethode, zoals aantekeningen op een kalender of in een dagboek, om u te helpen herinneren wanneer u uw volgende dosis moet krijgen, zodat u geen dosis overslaat of herhaalt. Heeft u te veel van dit middel gebruikt? Als u meer Omvoh heeft gekregen dan zou moeten of als de dosis eerder is toegediend dan voorgeschreven, neem dan contact op met uw arts. Bent u vergeten dit middel te gebruiken? Als u vergeten bent een dosis Omvoh te injecteren, injecteer dan zo snel mogelijk. Daarna de dosering elke 4 weken hervatten. Als u stopt met het gebruik van dit middel U mag niet stoppen met het gebruik van Omvoh zonder dit eerst met uw arts te overleggen. Als u stopt met de behandeling kunnen klachten van uw ziekte terugkomen. Heeft u nog andere vragen over het gebruik van dit geneesmiddel? Neem dan contact op met uw arts, apotheker of verpleegkundige.

CNK 4962858
Organisaties Eli Lilly
Actieve ingrediënten mirikizumab